Naar nieuws

Kleinschalige woonzorgvormen: naar duidelijke regionale afspraken voor passende medische zorg

27 januari 2026

Kleinschalige woonzorgvormen zijn de afgelopen jaren snel toegenomen. Ouderen met een Wlz‑indicatie kiezen steeds vaker voor een kleinere, huiselijke setting waar nabijheid en persoonlijke aandacht centraal staan. Maar de groei van deze woonzorgvormen brengt ook nieuwe vraagstukken met zich mee. Voor huisartsen, voor zorgprofessionals in de woonzorgvormen én voor ketenpartners die betrokken zijn bij de medische generalistische zorg. 

In dit achtergrondartikel schetsen we de ontwikkelingen in de regio Rivierenland en Gelderse Vallei, en laten we zien hoe wij zorgverleners ondersteunen bij het vormgeven van uniforme, werkbare afspraken. 

Waarom kleinschalige woonzorgvormen belangrijk zijn 

Steeds meer ouderen kiezen voor een woonomgeving waar het dagelijks leven centraal staat, met een herkenbare structuur en vaste gezichten. Kleinschalige woonzorgvormen sluiten aan bij deze behoefte. Ze zijn persoonlijk en laagdrempelig voor familie en mantelzorgers. 

Tegelijkertijd is de zorgzwaarte van de bewoners hoog. Veel bewoners hebben dementie of meerdere chronische aandoeningen. De medische zorgbehoefte is daarmee complexer dan in het traditionele ‘langer thuis’-model. Dat betekent dat goede afstemming tussen huisartsen, woonzorgvormen en gespecialiseerde ouderenzorg cruciaal is. 

De praktijk: veel variatie, weinig uniformiteit

In de dagelijkse praktijk lopen zorgverleners tegen knelpunten aan. De variatie tussen woonvormen is groot: 

  • De ene locatie heeft zelf een specialist ouderengeneeskunde (SO) beschikbaar, terwijl anderen gebruik maken van een externe dienst. 
  • Er is variatie in de inzet van eigen verpleegkundigen of inzet van wijkverpleging.  
  • Inzet van zorg tijdens avond, nacht en weekenden wordt verschillend ingevuld. 

Die verschillen maken het voor huisartsen en woonvormen lastig om goed in te schatten wat ze van elkaar kunnen verwachten. Informatieoverdracht, triage, bereikbaarheid van een SO, verantwoordelijkheidsverdeling en escalatievragen zijn thema’s die regelmatig terugkomen in de gesprekken tussen huisartsen en woonvormen. 

In 2024 is door de verschillende betrokken landelijke koepelorganisaties een convenant ondertekend waarin een aantal afspraken over het organiseren van MGZ in kleinschalige woonzorgvormen is opgenomen. Deze afspraken moeten vervolgens op regionaal niveau nog wel uitgewerkt worden naar regionale werkafspraken. 

De bestaande LHV‑leidraad Kleinschalige Woonvormen biedt richting, maar blijkt in de praktijk niet altijd eenvoudig toepasbaar. Daardoor ontstaan verschillen in kwaliteit, werkdruk en verwachtingen. 

Naar regionale uniformiteit: een gezamenlijke opgave 

Om meer duidelijkheid te creëren, is in de regio Rivierenland een traject gestart om te komen tot uniforme afspraken voor medisch generalistische zorg in kleinschalige woonzorgvormen. Deze afspraken richten zich op onder andere: 

  • taakverdeling tussen huisarts, SO, woonvorm en verpleegkundigen; 
  • triage en acute bereikbaarheid; 
  • informatie‑uitwisseling en verslaglegging; 
  • escalatieroutes wanneer samenwerking vastloopt; 
  • randvoorwaarden voor goede MGZ, zoals deskundigheid, SO‑inzet en dag‑ en nachtbeschikbaarheid. 

De rol van Mura: verbinden, verhelderen en versnellen

In dit proces hebben wij als onafhankelijke regionale ondersteuningsstructuur een onderscheidende rol. Mura helpt zorgverleners door: 

1. Verbinding te creëren tussen disciplines
Huisartsen, woonvormen, VVT‑organisaties, verzekeraars en de Regionale Behandeldienst Kwetsbare Ouderen (RBK) hebben allemaal een deel van de puzzel in handen. Wij brengen deze partijen samen, zodat zij gezamenlijk kunnen werken aan gedragen afspraken. 

2. Het proces te begeleiden
Het maken van goede afspraken vraagt tijd en zorgvuldigheid. Mura begeleidt de werkgroep bij het structureren van het overleg, het stellen van prioriteiten en bewaken van de voortgang. Door gefaseerd te werken, zetten we stapsgewijs knelpunten om in haalbare oplossingen en werken we toe naar gezamenlijke besluitvorming. 

3. Inzicht te geven via data en praktijkervaring
Aan de hand van regionale cijfers over bewonersprofielen, herkomst, zorgzwaarte en bestaande werkwijzen maken we zichtbaar wat er speelt. Dit helpt om goed te duiden waarom bepaalde knelpunten worden ervaren, zoals bijvoorbeeld het inzichtelijk maken van de aanzuigende werking in de regio van bewoners van buiten de regio. Ook brengen we best practices uit andere regio’s in om te leren van wat elders werkt. 

4. Communicatie en participatie te borgen
Niet alle woonzorgvormen zitten standaard aan tafel. Mura en deelnemers houden de regio op de hoogte van het proces, zodat afspraken regio-breed kunnen worden gedragen. 

Wat dit oplevert voor zorgprofessionals

Door duidelijke, gedeelde afspraken krijgen zorgverleners: 

  • helderheid over verantwoordelijkheden en bereikbaarheid; 
  • betere continuïteit van zorg voor bewoners; 
  • versterking van de samenwerking tussen huisartsenzorg, wijkverpleging en ouderenzorg; 
  • een stevigere basis voor veilige en passende MGZ binnen kleinschalige woonzorgvormen. 

Voor bewoners en naasten betekent dit: duidelijkheid, rust en betere kwaliteit van zorg. 

Samen verder bouwen aan toekomstbestendige ouderenzorg

Kleinschalige woonzorgvormen bieden een waardevolle woonomgeving voor ouderen die nabijheid en huiselijkheid nodig hebben. Door gezamenlijke regionale afspraken te maken en de samenwerking structureel te versterken, ontstaat een stevige basis voor duurzame medische zorg in deze woonzorgvormen. Mura blijft daarin de verbindende en inzichtgevende partner die zorgverleners ondersteunt bij elke stap. 

Meer informatie

Wil je meer weten over kleinschalige woonzorgvormen? Neem contact op met Janneke Weiman.